top of page

Moedermelk bewaren, ontdooien en opwarmen, hoe doe je dat?


Moedermelk is bijzonder: het is levende voeding. Het bevat niet alleen vetten, koolhydraten en eiwitten, maar ook antistoffen, enzymen en levende cellen die je baby beschermen. Juist deze waardevolle stoffen zijn gevoelig voor warmte, licht en tijd. Daarom is het belangrijk om afgekolfde melk op de juiste manier te bewaren, invriezen, ontdooien en op te warmen zodat de kwaliteit zo goed mogelijk behouden blijft en je baby telkens het beste krijgt.




SHORT READ

Onderwerp

Korte richtlijn

Waarin bewaren?

Moedermelkzakjes: ruimtebesparend, maar na ontdooien overgieten en vaak niet in verwarmer Kunststof flesjes (BPA-vrij): direct in verwarmer, nemen meer vriesruimte in• Glazen flesjes: goed schoon te houden, direct in verwarmer, maar breekbaar

Labelen

Altijd datum + tijdstip noteren (eventueel dag/nacht-melk) vóór vullen

Hoe vol vullen?

Flesjes/potjes: tot ¾ vol Zakjes: 150–180 ml max of tot onder vulstreep Altijd 1–2 cm ruimte laten en lucht eruit knijpen

Porties invriezen

Liever 60–120 ml per portie (bij pasgeborenen ook 30–60 ml)

Kamertemperatuur (16–25 °C)

Verse melk: 6–8 uur Colostrum: tot 12 uur

Koelkast (0–4 °C)

Tot 8 dagen: bewaar achterin/onderin, niet in de deur

Vriezer

Vriesvak koelkast (≈ −6 °C): tot 2 weken Kleine vriezer (≈ −12 °C): tot 4 maanden Diepvries −18 °C of kouder: veilig tot 12 maanden, liefst binnen 6 maanden gebruiken

Samenvoegen melk

Alleen melk van gelijke temperatuur samenvoegen. Verse melk eerst koelen vóór toevoegen aan bevroren melk

Ontdooien

Liever langzaam in koelkast (12–24 uur) Of onder lauwwarm stromend water Geen magnetron, geen heet water

Na ontdooien

Binnen 24 uur gebruiken (in koelkast bewaard). Niet opnieuw invriezen

Opwarmen

Au bain-marie of melkverwarmer op lage stand. Tot handwarm (~37 °C). Niet schudden maar zacht zwenken

Waarom niet te heet?

Hoge temperaturen breken beschermende stoffen af en kunnen hete plekken veroorzaken

Restjes na voeding

Baby heeft eruit gedronken: binnen 1–2 uur gebruiken, daarna weggooien Nog niet uit gedronken: binnen 2 uur gebruiken (mag in die tijd 1× worden opgewarmd). Niet opnieuw afkoelen of invriezen

Bedorven melk herkennen

Weggooien bij zure/ranzige geur, vieze smaak of korrelige structuur die niet mengt

Zeepachtige geur?

Vaak lipase, niet bedorven. Soms weigeren baby’s het. Scalding kan lipase stoppen (alleen als nodig)

Belangrijk om te onthouden

Schoon werken Altijd datum noteren Ontdooide melk nooit opnieuw invriezen Liever kleine porties → minder restjes



Waar bewaar je moedermelk in?

Allereerst: bedenk waar je de moedermelk in gaat bewaren.

Dat maakt namelijk echt verschil voor de kwaliteit.


Kies bij voorkeur voor:

  • Stevige, speciale moedermelkzakjes : Deze kun je plat invriezen dat is superhandig, want zo nemen ze heel weinig ruimte in je vriezer in. Let wel op: na het ontdooien moet je de melk overgieten in een flesje en de meeste zakjes kunnen niet in een melkverwarmer.

  • Goed afsluitbare flesjes van hard kunststof : Groot voordeel: je kunt ze zo in de melkverwarmer zetten. Minder fijn: ze nemen meer ruimte in de vriezer in. En bij het verwarmen van plastic kunnen er stoffen vrijkomen. Kies daarom in elk geval altijd voor BPA-vrij.

  • Goed afsluitbare flesjes van glas : Deze zijn stevig, goed schoon te houden en kunnen gewoon in de melkverwarmer zonder risico op stoffen uit plastic. Ze zijn wel breekbaarder en nemen wat meer ruimte in de vriezer in.



Gewone diepvrieszakjes? Die lekken sneller, dus liever niet.


Welke je kiest, hangt dus vooral af van wat jij praktisch vindt: ruimte besparen → zakjes minder overgieten → flesjes of glas




Slim labelen

Schrijf altijd eerst de datum en het tijdstip op het kolfzakje vóórdat je het vult en invriest.

Dat schrijft het makkelijkst en zo weet je later precies hoe oud de melk is en welke porties je het eerst moet gebruiken.


Sommige ouders vinden het daarnaast fijn om ook te noteren of het om dag- of nachtmelk gaat (bijvoorbeeld met een zonnetje of maantje).

Moedermelk verandert namelijk mee met het ritme van de dag: ochtendmelk bevat gemiddeld wat meer “wakker-stoffen” zoals cortisol, terwijl avond- en nachtmelk juist meer melatonine bevat. In theorie kan het helpen om melk rond hetzelfde tijdstip te geven als waarop het is afgekolfd, maar het bewijs dat dit in de praktijk écht veel verschil maakt is nog beperkt. Zie het dus vooral als een leuke extra, niet als een verplichting.





Zo vol mag je vullen

Omdat moedermelk uitzet tijdens het invriezen, vul je:

  • Flesjes of potjes: tot ongeveer ¾ vol

  • Moedermelkzakjes: maximaal 150–180 ml per zakje, of vul ze tot net onder de vulstreep als die erop staat

  • Twijfelregel: laat altijd minstens 1–2 cm ruimte bovenin.

Knijp altijd zo veel mogelijk lucht uit moeder melk zakjes voordat je ze dichtdoet.

Hoeveelheden per keer invriezen

Het is handig om moedermelk in porties van 60–120 ml in te vriezen. Dit ongeveer een gemiddelde voeding is zo hoef je minder vaak restjes weg te gooien.

Vries daarbij liever meerdere kleine porties van 60 ml in dan één grote. Je kunt altijd twee porties ontdooien, maar wat eenmaal ontdooid is, kun je niet opnieuw invriezen.



Hoe lang kun je moedermelk bewaren?


Kamertemperatuur (16–25 °C)

  • Verse moedermelk: 6–8 uur

  • Colostrum: tot 12 uur


Moedermelk bevat stoffen die bacteriegroei remmen. Verwacht je de melk niet binnen enkele uren te gebruiken? Zet het dan liever in de koelkast.


Koelkast (0–4 °C)

  • Verse moedermelk: tot 8 dagen


Bewaar de melk achterin en onderin de koelkast. Zet het niet in de deur want daar wisselt de temperatuur. Je mag melk van gelijke temperatuur samenvoegen. De datum van de oudste melk telt voor de hele portie.


Tip: Ga je op pad, naar werk of wil je ’s nachts afgekolfde melk koel bewaren zonder steeds naar de koelkast te hoeven lopen? Dan kun je een speciale fles- of melkkoeler gebruiken.

Dit is ideaal wanneer je je melk langere tijd koud wilt houden, of wanneer je na het kolven de fles gewoon op je nachtkastje wilt laten staan. Zet er een melk opwarmer naast en je hoeft helemaal niet meer je bed uit.




 Invriezen van moedermelk

Hoe lang je moedermelk in de vriezer kunt bewaren, hangt af van het type vriezer. In de regel geldt: hoe kouder en stabieler de temperatuur, hoe beter de kwaliteit behouden blijft.


  • Vriesvakje in koelkast (ongeveer −6 °C): tot 2 weken houdbaar.

  • Kleine vriezer/tafelmodel (ongeveer −12 °C, gaat vaak open en dicht): tot 4 maanden houdbaar.

  • Grote diepvries met aparte deur (−18 °C of kouder): veilig tot 12 maanden maar bij voorkeur binnen 6 maanden gebruiken.

    Ben je van plan om langere tijd moedermelk te geven en heb je de ruimte, dan kan een aparte vriezer de moeite waard zijn. Handig is wel dat je makkelijk bij de oudste zakjes kunt daarom werkt een vriezer met lades/vakjes vaak fijner dan een vrieskist, omdat je dan minder hoeft te graven om bij de eerste ingevroren melk te komen.


Koel de verse melk eerst in de koelkast en bij voorkeur binnen 4 dagen invriezen

Voeg geen verse, warme melk toe aan volledig bevroren melk. Het temperatuurverschil kan de kwaliteit verminderen en (deels) ontdooien veroorzaken. Wil je toch samenvoegen? Koel de verse melk eerst volledig af in de koelkast, zodat beide melk even koud zijn voordat je ze samen invriest.


Moedermelk ontdooien

Wanneer je gaat ontdooien, kies je altijd eerst de flesjes of zakjes met de oudste datum, zolang deze nog binnen de bewaartermijn vallen. Is de melk langer bewaard dan wordt aangeraden, dan kun je die beter weggooien. Te lang ingevroren melk kan namelijk kwaliteit verliezen en is daardoor minder veilig voor je baby.


Veilige manieren om te ontdooien

  • Langzaam in de koelkast (aanrader): Zet de melk 12–24 uur in de koelkast tot hij

    helemaal ontdooid is.

  • Sneller ontdooien: Hou het flesje of zakje onder lauwwarm (niet heet!) stromend water en beweeg het rustig heen en weer.

  • Met een melkverwarmer: Dit mag alleen als de melk al (gedeeltelijk) ontdooid is of rechtstreeks uit de koelkast komt. Gebruik een lage of standaardstand en voorkom hoge temperaturen.

  • Au bain-marie (in een bakje warm water): Zet het flesje in een kom of pannetje met handwarm water. Niet koken, niet kokend water gebruiken.


Gebruik ontdooide melk het liefst binnen 24 uur (in de koelkast bewaard).





Zo verwarm je moedermelk veilig

Allereerst verwarm je pas pas vlak voor de voeding. Zet het flesje of potje met (ontdooide of koelkast-koude) melk in een kom of bakje met warm water. Dit noem je au bain marie. Je kunt ook een melkverwarmer op een lage/standaardstand gebruiken. Laat de melk rustig opwarmen en draai het flesje af en toe voorzichtig rond zodat de vetlaag mengt. Niet schudden.


Hoe warm moet het worden?

Ga uit van handwarm/ lichaamstemperatuur (ongeveer 37 °C). Test een druppel op je pols. Die mag neutraal/warm aanvoelen, maar niet heet.


Je maakt moedermelk liever niet te heet.

Bij hoge temperaturen worden namelijk beschermende stoffen afgebroken, zoals antistoffen, enzymen en levende cellen juist die ‘magische’ onderdelen die je baby helpen beschermen tegen infecties. Ook kan de samenstelling van de melk veranderen, omdat vetten en eiwitten beschadigd raken door hitte. Als melk ongelijkmatig wordt verwarmd, vooral in de magnetron, kunnen er bovendien hete plekken ontstaan waaraan je baby zich kan verbranden. En soms verandert de smaak, waardoor baby’s het minder graag drinken.


Daarom verwarm je moedermelk altijd rustig tot handwarm (ongeveer lichaamstemperatuur) en niet warmer.



Restjes na een voeding


Melk die al is opgewarmd én waaruit je baby heeft gedronken

Gebruik deze binnen 1–2 uur. Daarna weggooien.

Zodra je baby uit de fles drinkt, komen er bacteriën in de melk terecht. Die vermenigvuldigen sneller in warme melk daarom bewaar je restjes niet meer voor later en warm je ze niet opnieuw op.


Melk die wel is opgewarmd maar waar nog niet uit is gedronken

Gebruik deze binnen 2 uur na opwarmen. Je mag de melk in die tijd nog één keer opnieuw opwarmen. Daarna weggooien.

Niet opnieuw afkoelen of invriezen.


Belangrijk om te onthouden

  • Ontdooide melk nooit opnieuw invriezen

  • Liever niet meerdere keren opnieuw opwarmen

  • Warm moedermelk altijd rustig tot handwarm, niet heet





Hoe herken je bedorven melk?

Normale moedermelk kan er verschillend uitzien: zo kan er een vetlaagje bovenop drijven dat weer mooi mengt als je het flesje zachtjes zwenkt, en de kleur kan variëren van geel of crème tot lichtblauw of zelfs een beetje groenig. Dat is allemaal normaal.

Maar net als gewone melk kan ook moedermelk bederven. Gelukkig is dat meestal goed te herkennen:

  1. zuur of ranzig ruikt

  2. duidelijk onaangenaam smaakt 

  3. korrelig en brokkelig blijft (zelfs nadat je het rustig hebt gezwenkt)


Zie of ruik je dit? Gooi de melk dan weg.



Maar let op: “zeepachtige” geur ≠ bedorven

Soms ruikt moedermelk na het koelen of invriezen scherp of een beetje zeperig. Dat komt door het enzym lipase, dat vetten afbreekt. Dit is géén bederf en de melk is gewoon veilig om te geven.


De melk is dus goed, maar sommige baby’s vinden deze smaak minder lekker en weigeren de fles. Gebeurt dat? Dan kun je overwegen om de melk kort te pasteuriseren (scalding) na het kolven om de werking van lipase te stoppen, en daarna pas in te vriezen.




Moedermelk zit vol antistoffen en is daardoor vaak langer houdbaar dan veel mensen denken.


Toch zijn de officiële richtlijnen soms voorzichtig, omdat er nog relatief weinig onderzoek is gedaan naar dagelijks gebruik in thuissituaties. Daarom zijn de bewaartijden bewust ruim aan de veilige kant gehouden.


Moedermelk is robuust én kostbaar zelfs na koelen of invriezen blijft het geweldige voeding. Met schone materialen, goede etiketten en juiste temperaturen kom je al een heel eind. En weet: dit zijn hulplijnen, geen stressregels.


Gebeurt er per ongeluk iets buiten de richtlijn? Gebruik dan je zintuigen: kijk, ruik en proef eventueel een druppeltje. Twijfel je over de geur of kwaliteit? Gooi de melk dan liever weg. Veiligheid eerst.


Liefs,

Bobby



bottom of page